De jonge beginner: de sleutel tot verbinding — My First Piano Adventure
Als pianodocenten zijn we behoorlijk bedreven in het slaan van een brug tussen onze volwassen wereld en die van de doorsnee beginner van zeven of acht jaar. Dat kost weinig moeite, omdat de meeste kinderen van die leeftijd zelf ook proberen een brug naar onze wereld te slaan. Het ‘bruggen bouwen’ gaat dus twee kanten op, waardoor lesgeven en leren soepel en redelijk voorspelbaar verlopen.
Bij kinderen van vier en vijf jaar ligt dat anders. De wereld van deze jonge beginner verschilt niet alleen wezenlijk van de volwassen wereld, maar is ook kwalitatief anders dan die van zeven- en achtjarigen, en de jonge beginner komt ons niet halverwege tegemoet. Vier- en vijfjarigen vragen van ons dat wij hún wereld opzoeken en binnengaan. De jonge beginner is niet geneigd zich aan ons aan te passen, dus moeten wij ons aanpassen aan de wereld van de jonge beginner.
Spirit of Play (De geest van het spel)
Hoe ziet die wereld van de jonge beginner eruit? Het is een wereld van plezier, fantasie en ontdekking. Ernst? Door de docent opgelegde regels? Strakke controle? Die smoren de intrinsieke belangstelling van een jonge leerling. Speelsheid? Creativiteit? Avontuur? Die stuwen het leren van het kind vooruit. En de multisensorische wereld van muziek vormt de perfecte context voor zo’n speels avontuur. We nemen het kind mee naar een muzikale ‘speeltuin’ die de emoties en de zintuigen aanspreekt. In die wereld ontdekken we, horen we, kijken we en leren we. Om echt effectief te zijn, combineren we visuele, auditieve en kinesthetische ervaringen (voelen en tasten) met een speelse instelling, samen met speelkameraadjes: de ‘vriendjes aan de piano’ van My First Piano Adventure®.
De ‘muzikale vriendjes’ van de leerling brengen bij elk stuk een nieuw avontuur: zwemmen met een walvis, klimmen in een boomhut, dromen van de tandenfee. Benader elke bladzijde als een nieuwe ontmoeting, een nieuwe verrassing. Neem het beeld in je op en vang de emotie. Luister naar wat het kind over de situatie vertelt. Dat geeft persoonlijke betekenis, die de aandacht vasthoudt en het geheugen voorbereidt. Luister daarna naar de opname. Nu is de betrokkenheid auditief, maar nog steeds met emotie. Maak het vervolgens tastbaar. Voel de toetsen, luister naar de klanken. Glimlach en zing. Spreek de zintuigen aan en betrek het kind met een speelse instelling.
Wendy the Whale moves her big tail, then dives lower and lower.
Aandacht
We kennen allemaal de korte spanningsboog van het jonge kind. Dat is een reëel kenmerk waaraan we ons aanpassen, maar laten we net zo onder de indruk zijn van de volharding van het jonge kind wanneer het emotioneel betrokken is. Heb je weleens een kind ‘Nog een keer! Nog een keer!’ horen roepen, ver voorbij het punt waarop wíj het al lang saai vinden? (Wat zegt dat eigenlijk over onze eigen spanningsboog?) Het vermogen tot langdurige aandacht is er dus wel degelijk, ook bij het jonge kind. We moeten alleen herkennen wanneer de aandacht er wel is en wanneer niet. Verslapt de aandacht tijdens een visuele activiteit, schakel dan over op een auditieve of kinesthetische activiteit. En wanneer de aandacht volledig gegrepen is, pluk dan alle vruchten van dit leermoment.
Activiteitgericht leren is hierbij de sleutel. Elke leerling reageert met eigen favorieten, en juist dat maakt dit niveau zo fijn om les in te geven. Het tegengif voor een korte spanningsboog is: kom van de pianokruk. Ga naar de tafel, zit op de grond, loop naar het bord, terug naar de kruk. Activiteitgericht lesgeven biedt ruimte voor aanpassing, herhaling en variatie. Niet elke bladzijde is essentieel, maar de aandacht van de leerling wél. Koester de favorieten van de leerling en herhaal ze week na week, zodat je alles benut wat ze voor de muzikale ontwikkeling te bieden hebben. Gebruik creatieve variaties voor plezier en uitdaging.
Techniek
Slappe vingers, kleine handjes, geen coördinatie… kunnen we niet beter wachten tot het kind wat ouder is? Die denkfout verdwijnt zodra we beseffen dat een kind nooit vanzelf een pianistische hand ‘krijgt’. Een pianistische hand ontwikkelt zich door begeleiding en oefening. Juist de nog onontwikkelde hand van het jonge kind is dus rijp voor sturing en biedt het ideale moment om met techniek te beginnen. We hoeven alleen onze lesaanpak aan te passen en activiteiten aan te bieden die de lichamelijke ontwikkeling van de hand op de juiste manier begeleiden.
Stepping up to finger 4, then checking for a firm fingertip. “Is the hand round like a scoop of ice cream?”
Op deze leeftijd geven we voorrang aan het ontwikkelen van de handstructuur. (Beginnen met een slappe pols en ontspanning zou weinig opleveren.) We hebben een fysiek raamwerk nodig dat in de onontwikkelde hand juist ontbreekt. Een gesteunde vinger 3, met een ontspannen pols en een vrije val (armgewicht), is hiervoor ideaal, omdat dit de handstructuur en de uitlijning van vinger, pols en arm vormgeeft. Het unieke en doeltreffende Stone on the Mountain introduceert verfijnde aspecten van de pianotechniek. Daarna werken we aan de vingertop met Cookie Dough (chocoladestukjes in denkbeeldig koekjesdeeg duwen), wat de basis legt voor de volgende bladzijden, waarin uitsluitend een gesteunde vinger 3 wordt gebruikt (Dipping L.H. and R.H. Donuts en Twinkle, Twinkle Little Star).
Een opwaartse (en/of voorwaartse) polsbeweging die de ‘brug’ over de vingers aanstuurt, wordt geoefend in Mitsy’s Cat Back. Deze polsbeweging wordt vervolgens uitgewerkt tot een expressief ‘regenboog’-gebaar dat de hand over het klavier voert.
Ritme en toonhoogte
Het is mooi om te zien hoe het kind op jonge leeftijd goede technische gewoonten ontwikkelt, maar nog mooier is het om de ontwikkeling van ritme- en toonhoogteperceptie bij de jonge leerling te volgen. Deze waarnemingsvaardigheden ontwikkelen zich het best bij vroege blootstelling, en daarom legt My First Piano Adventure met de bijbehorende audio-opnamen bijzondere nadruk op dit aspect van de hersenontwikkeling.
Bij ritme leggen we de nadruk op het voelen van de vaste puls in het lichaam. We zoeken een kinesthetische reactie, zoals in Roll Call, waarin de vriendjes worden voorgesteld. ‘Tap’, het muzikale vuurvliegje, is de ritmemascotte. ‘Tap’ introduceert de Monster Bus Driver (voor het naspelen van ritmes), Dancing Feet en Band Practice (voor het volgen van de puls en de ritmenotatie) en de terugkerende, genoteerde ritmepatronen van Monsieur Mouse en Mouse Rhythms. Ook in de liedjes en de opnamen staat toonhoogte centraal. De stemmen van de leerlingen, zowel meisjes als jongens, gaan van de ‘chants’ (ritmische spreekverzen) waarmee het boek opent naar het zingen van melodieën, waaronder beroemde klassieke thema’s van Beethoven en Mozart in Boek B (Haydn, Brahms en Tsjaikovski in Boek C). Bijzondere aandacht gaat uit naar het horen van tonaliteit en de expressieve kracht van muziek.
Tot slot
De vreugde en voldoening van het lesgeven aan jonge leerlingen wegen ruimschoots op tegen de uitdagingen. En die uitdagingen zijn goed aan te pakken met het juiste lesmateriaal en de juiste houding. My First Piano Adventure biedt het lesmateriaal. De juiste houding is: hou het leuk! Het leven van het kind draait op deze leeftijd niet voor niets om plezier. Plezier zet aan tot spel, en spel is de ‘toverformule’ waarmee het kind leert. Met My First Piano Adventure stap je de wereld van het kind binnen en ontdek je samen de vreugde, de uitdaging en de schoonheid van muziek. Maak van plezier je leidraad en probeer zo de volledige aandacht en de levendige geest van je leerling naar boven te halen. Misschien geeft het kind je datzelfde geschenk wel terug.






